Wandelen: gezond voor organisaties

23 november 2016

Het grootste probleem in organisaties in Nederland op dit moment heet: ‘a dying business’. Bloemenveilingen, vliegtuigmaatschappijen, warenhuizen, kledingwinkels, elektronicawinkels, bouwbedrijven, kerken, banken en verzekeringsmaatschappijen: allemaal kampen ze met dezelfde vraag. Allemaal zijn we op zoek naar een business model waarmee de organisatie weer winstgevend en toonaangevend wordt.

Negatieve signalen

Teruglopende winstcijfers, te hoge operationele kosten, teveel (duur) vastgoed. Hoge onderhoudskosten en veel personeel met dito kosten. Het gebruikelijke antwoord op deze negatieve spiraal is: bezuinigen, inkrimpen, afstoten, reorganiseren, wegsnijden en tegelijkertijd innoveren, jong elan aannemen, experimenteren. Het oude vertrouwde wordt vaak volledig ingeruild voor het nieuwe vluchtige en flexibele.

Spanningsveld groeit

Door die maatregelen wordt de kloof tussen de leiding van het bedrijf en de werkvloer doorgaans vergroot. De werkvloer ziet en voelt dat het slechter gaat en krijgt niet de middelen om er iets aan te doen. Ze hoort van de leiding dat het best goed gaat en leest in de krant dat het ene succes na het andere wordt geboekt. Alle innovatieve en creatieve initiatieven worden de hemel in geprezen. Waar is de aandacht voor het afstervende deel? Waar is de aandacht voor de mensen die zorgen dat mensen over twintig jaar nog steeds op de geleverde dienst kunnen rekenen? Hoe zorg je dat het goede behouden wordt? Soms herken je door al die initiatieven de oorspronkelijke organisatie niet meer. Soms weet je als klant maar ook als medewerkers niet meer waarvoor de organisatie staat. Is bol.com nu bijvoorbeeld een digitale boekwinkel, een digitaal warenhuis, of een ‘online platform’?

Is vernieuwing dan niet mogelijk? 

Natuurlijk is het dat wel. Vernieuwing is mogelijk en noodzakelijk, alles verandert immers voortdurend. Punt is echter dat we vaak niet meer mee-bewegen. Bewegen, lopen is eigenlijk een vreemde beweging. We laten ons als het ware naar voren vallen. “walking is almost like passive falling.” Voordat we dreigen te vallen zetten we ons voorste been automatisch neer. Dan zwaaien we ons achterste been naar voren. Als dat blijft staan, blijven wij als mens op onze plek. We verleiden of dwingen ons achterste been om mee te bewegen. Bij elke stap die we zetten, is er een been dat achter is. Zo werkt het in organisaties ook. Je komt pas echt vooruit als je de bestaande, instandhoudende organisatie betrekt bij de plannen van vooruitgang. Voor elke stap vooruit, moet je ook iets ouds achterlaten. Die bereidheid. Telkens opnieuw, stap voor stap.

Samen kom je verder

Leren lopen. Dat is nodig om de organisatie duurzaam winstgevend en toonaangevend te maken in een ‘dying market’. Hoe krijg je het achterste been in organisaties mee?

  1. Je vertelt het achterste been in je organisatie de realiteit en creëert daarmee urgentiebesef (lopen uit angst)
  2. Je verleidt het achterste been naar een mooiere toekomst. (lopen vanuit perspectief)

Einde voor ogen zien

Als we focussen op de teruglopende resultaten en met een negatieve bril blijven kijken naar de organisatie, dan komt het einde ook onherroepelijk. Dan kun je het einde beter echt voor ogen gaan zien. Durf je daadwerkelijk te zien wat er gebeurt als de organisatie failliet gaat en personeel naar huis gaat zoals bij V&D en vele anderen? Dat klanten wegblijven en de concurrentie wint?

Oplossingen verzinnen

Zodra je die pijn echt hebt gevoeld kun je twee dingen doen.

  1. Meewerken aan het beëindigen als je niks anders kunt verzinnen: dat doet altijd minder pijn dan dat je nog jaren probeert te rekken. Pappen en nathouden maakt diepe wonden.
  2. De gevoelde pijn omzetten in creativiteit en potentie: je kunt ook samen de schouders eronder zetten en op zoek gaan naar de bedoeling van de organisatie. Terug naar de bedoeling, de ziel van de organisatie.

Het belangrijkste is om de brug slaan door in gesprek te blijven. Om werkelijk te luisteren naar de ‘azijnpissers’ en ‘klokkenluiders’. Om ‘recht’ te doen aan de gevoelens die bij het afstoten van oude delen horen door hier rituelen voor te bedenken. Door oplossingen te verzinnen om het oude los te laten. Dat ruimt op en dát geeft ruimte aan nieuwe initiatieven die zijn geworteld in de ziel van het bedrijf. Dát is meebewegen. Dat biedt perspectief.

Referentie over hoe mensen lopen: http://phys.org/news/2014-01-humans.html